SMILE Renoveren© vergelijkt de effecten van maximaal vier typen renovaties in energiebesparende maatregelen voor zowel woningcorporatie als bewoner.

Focus op bestaande voorraad

Woningcorporaties richten zich de komende jaren meer op de renovatie van hun bestaande woningen. Investeren in energiebesparende maatregelen staat daarbij hoog op de agenda. De focus op nieuwbouw is minder groot dan voorheen. Dit zijn drie conclusies uit de voornemens van woningcorporaties voor de komende jaren. [Lees hier]

Woningcorporaties zullen de komende jaren voor de nodige investeringsvragen staan. In welk deel van het bezit verbeteren we de energiezuinigheid? En, minstens zo belangrijk, tot welk niveau?

SMILE Renoveren© van De Variabele® vergelijkt voor maximaal vier type renovaties de effecten voor zowel de investeerder als voor de bewoners. Het helpt daardoor woningcorporaties om hun investeringsbeslissingen in energiebesparende maatregelen beter onderbouwd te nemen.

Achtergrond

Voor de Stroomversnelling tekenden vier bouwers en zes woningcorporaties in juni 2013 een overeenkomst voor de aanpak van 11.000 woningen. Uiteindelijk moet dit initiatief resulteren in een renovatie van 111.000 woningen die voor de huurders geen extra woonlasten betekenen door een combinatie van drie ideeën:

  1. huurders betalen hun energiekosten aan hun corporatie,
  2. corporaties investeren dat geld in renovatie en
  3. bouwers leveren duurzaam gerenoveerde woningen zonder energiekosten.

Bij een gemiddelde geschatte investering van € 60.000 per woning betekent dit een totale investering van een 6,6 miljard euro. Dat is bijna gelijk aan het huidige totale investeringsvolume in vastgoed door de woningcorporaties (bron: ABF). Corporaties verwachten de komende jaren ongeveer € 250 a € 300 miljoen per jaar uit te geven aan energiebesparende maatregelen. In 2012 en 2013 was dat € 100 resp. € 140 miljoen.

Uit deze cijfers blijkt dat de ambities uit De Stroomversnelling –hoezeer te prijzen- in de huidige markt te hoog gegrepen lijken.

Inzetten investeringsvolume

De woning zonder energierekening uit de Stroomversnelling klinkt natuurlijk aantrekkelijk. De kosten om het energieverbruik zover terug te schroeven zijn echter fors. Het aantal huishoudens dat door een dergelijke renovatie van energielasten wordt gevrijwaard is daardoor relatief klein.

Het kan gunstiger zijn om voor een eenvoudiger renovatie te kiezen die de woning niet helemaal energieneutraal maakt, maar het energieverbruik wel sterk reduceert. Met een kleinere investering kan bij eenzelfde investeringsbudget een grotere groep huishoudens worden bereikt. De totale besparing aan energie- en dus woonlasten voor de bewoners kan zo hoger uitpakken.

De vraag die daar als vanzelf uit volgt is: waar ligt het optimum? De verhouding tussen de investering voor de verhuurder en de besparing aan woonlasten voor de bewoner is geen eenvoudige wiskundige formule. Het aantal variabelen is daarvoor eenvoudigweg te groot.

SMILE Renoveren© kan voor woningcorporaties als hulpmiddel dienen om de effecten van maximaal vier renovatietypen met elkaar te vergelijken. In opdracht van De Variabele® heb ik een rekenmodel ontwikkeld dat de financiële gevolgen van de toepassing van energiemaatregelen voor verhuurder/investeerder en bewoner berekent.

SMILE Renoveren©

Het hart van het model is de uitgebreide database van De Variabele® met de kosten van en effecten op het energieverbruik van een groot aantal energiebesparende maatregelen voor diverse woningtypen (zie afbeelding [1] Database SMILE-Renoveren). De maatregelen variëren van het na-isoleren van de begane grondvloer tot het volledig inpakken van de bestaande schil in combinatie met PV-panelen op het dak.

Gevolgen renovaties

SMILE Renoveren© berekent de gevolgen voor zowel de verhuurder / investeerder en de bewoner. Wat zijn de extra huurinkomsten voor de verhuurder ten opzichte van de financieringslasten voor de investering? Hoe ontwikkelen zich het energieverbruik en de woonlasten voor de bewoner?

Principe SMILE - Investeren in energiebesparende maatregelen

De verschillen tussen de vier renovatietypen komen het best tot uiting in het principe overzicht (zie bovenstaande afbeelding [2] Principe SMILE-Renoveren). Bij een vast investeringsvolume (in dit voorbeeld € 1 miljoen) zijn weergegeven (met de klok mee):

  1. Het maximaal aantal te renoveren woningen
  2. De besparing van het gasverbruik
  3. De stijging van de woonlasten
  4. De stijging jaarlijkse huuropbrengsten

In dit voorbeeld met oplopende investeringskosten per renovatie komt renovatie type 3 als gunstigst naar voren: de woonlasten nemen het minst toe en de huurinkomsten voor de verhuurder stijgen het meest. Per gerenoveerde woning scoort de duurste variant (4, Nul-op-de-Meter) het best. Het aantal woningen dat bij het beschikbare investeringsvolume van de woningcorporatie kan worden aangepakt is echter gering.

Interesse in SMILE Renoveren?

SMILE Renoveren kan een goed hulpmiddel zijn bij uw investeringsbeslissingen. Het biedt inzicht in de effecten voor u als woningcorporatie en voor de bewoners. Voor meer informatie over het model kunt u contact opnemen met een van de deelnemers van De Variabele® (zie kader rechtsboven) of met mij, Jeroen Neele [contactformulier].


De Variabele

[1] Database SMILE-Renoveren
Database met Energiebesparende maatregelen De Variabele
 
[2] Principe SMILE-Renoveren

Principe SMILE - Investeren in energiebesparende maatregelen

[3] Schermafdrukken SMILE-Renoveren

Schermafbeeldingen SMILE - Investeren in energiebesparende maatregelen